De btw-administratie heeft op 27 september 2019 op fisconet (Circulaire nr. 2019/C/97) haar nieuwe, uitgebreide circulaire omtrent diensten in een intracommunautaire context die een materieel werk (waaronder het maakloonwerk) of een expertise met betrekking tot een lichamelijk roerend goed tot voorwerp hebben, gepubliceerd. Zij vervangt de vorige circulaire nr. 40/2007 van 6 november 2007 en is in feite een update van de toepasselijke regels omtrent plaats van de dienst, voldoening van de btw, overbrengingen en niet-overbrengingen.

“maakloon

Begrippen

Vooreerst worden de definities weergegeven van wat wordt verstaan onder een materieel werk, een maakloonwerk, een expertise en de lichamelijke roerende goederen. In deze circulaire worden regelmatig de termen ‘werk aan een lichamelijk roerend goed’; ‘grondstoffen’; ‘te bewerken goederen’ of ‘afgewerkt product’ gebruikt. Deze terminologie verhindert niet dat in de besproken situaties eveneens ieder ander materieel werk aan een lichamelijk roerend goed dan een maakloonwerk wordt bedoeld, alsook expertises met betrekking tot een lichamelijk roerend goed.

Plaats van de dienst en schuldenaar van de btw

De plaatsbepaling van diensten bestaande uit een materieel werk of een expertise met betrekking tot een lichamelijk roerend goed wordt verduidelijkt. Deze diensten worden geacht plaats te vinden alwaar de ontvanger van de dienst gevestigd is, wanneer deze een belastingplichtige is (B2B). Ook de toepasselijke regels inzake de schuldenaar van de btw worden opgelijst. De circulaire bevat een aantal voorbeelden ter verduidelijking.

Voorbeeld

Een in België gevestigde belastingplichtige A belast een in Canada gevestigde belastingplichtige B met de uitvoering van een maakloonwerk aan goederen die haar worden toegezonden. Het maakloonwerk wordt materieel verricht in de lokalen van B. Na het maakloonwerk blijft het afgewerkt product in Canada, aangezien A het er heeft doorverkocht aan een klant C. De Canadese dienstverrichter heeft geen vaste inrichting in België.
Deze dienst wordt geacht plaats te vinden in België, alwaar de afnemer van de dienst A gevestigd is. Het is ook A die de verschuldigde Belgische btw moet voldoen via de roosters 56 en 59 van de btw aangifte.

In B2C-transacties worden deze diensten geacht plaats te vinden alwaar ze materieel worden verricht.

Overbrengingen en niet-overbrengingen

De toepasselijke regels omtrent de overbrengingen en de niet-overbrengingen worden tevens verduidelijkt in deze circulaire. Verder wordt de verplichting besproken om een register der niet-overbrengingen alsmede het register der ontvangen materialen bij te houden.

Vereenvoudigingen

De Europese Commissie en de lidstaten zijn overeengekomen om in een aantal situaties, waarbij sprake is van dienstverrichtingen in verband met een materieel werk (waaronder het maakloonwerk) of een expertise met betrekking tot een lichamelijk roerend goed, vereenvoudigingsmaatregelen toe te passen. De toepasselijke regelingen worden in deze circulaire toegelicht, onder voorbehoud van wijzigingen en/of nieuwe vereenvoudigingsmaatregelen die de lidstaten en de Europese Commissie nog zouden kunnen overeenkomen.

Zo worden volgende vereenvoudigingen toegelicht :

  • Leverancier en dienstverrichter zijn in dezelfde lidstaat gevestigd;
  • Leverancier en dienstverrichter zijn in verschillende lidstaten gevestigd;
  • Opeenvolgende dienstverrichters zijn in dezelfde lidstaat gevestigd;
  • Hoofdaannemer en onderaannemer zijn in dezelfde lidstaat gevestigd;
  • Opeenvolgende dienstverrichters zijn in verschillende lidstaten gevestigd;
  • Hoofdaannemer en onderaannemer van de dienst zijn in verschillende lidstaten gevestigd;
  • Combinatie van de vereenvoudigingsmaatregelen;

Schema’s ter verduidelijking

Tot slot worden in de bijlage bij deze circulaire een aantal schema’s toegevoegd die een mooi overzicht bevatten van de handeling op zich, de plaatsbepaling ervan, de schuldenaar van de btw en de verplichtingen daaraan verbonden.

Wens je op de hoogte te blijven van de nieuwigheden inzake btw?